Verbinding door samenwerking

Column door Mira Maletic, directeur bedrijfsvoering SBE

Mira_Maletic

Onlangs heb ik voor de verjaardag van een vriendin een cadeau gekocht. Ik heb uitgezocht wat ik al een paar keer eerder voor verschillende vrienden, collega's en familieleden gekocht heb, namelijk de roman 'Leven en lot' van de Russische schrijver Vasili (Semyonovich) Grossman. Het boek is in 2008 opnieuw in Nederlandse vertaling uitgebracht. Het is een adembenemende roman die naast de grote thema's uit de wereldgeschiedenis – oorlog, communisme, fascisme, antisemitisme, beleg en verdediging van Stalingrad – ook levensthema's als liefde, gemis, ziekte, maatschappelijke betrokkenheid en verraad behandelt en dat alles in de context van zware tijden van oorlog en vervolging.

Het is een roman die mij aan het hart ligt. Ondanks de ingrijpende verhalen die Grossman in zijn roman behandelt, leest het boek gemakkelijk. Het lijkt poëzie in proza-vorm. 

Ik breng dit boek onder de aandacht van de VU-werknemer, omdat het hoofdpersonage van de roman, Victor (Pavlovich) Sturm, een wetenschapper is. Een natuurkundige die werkzaam is aan de Universiteit van Moskou. Door de oorlog verhuizen hij en de medewerkers van zijn instituut met hun familieleden noodgedwongen naar de Universiteit van Kazan. Ondanks de extreme omstandigheden waarin een wetenschapper in tijden van oorlog en communisme moest werken, zijn de thema's en vragen waar ze dagelijks mee te maken hadden zo herkenbaar: onafhankelijkheid van onderzoek, maatschappelijke betekenis, wie heeft het  binnen een universiteit 'voor het zeggen', het management of de onderzoeker, enz.

In mijn dagelijks werk heb ik altijd geprobeerd om de samenwerking tussen ondersteuning en wetenschappers zo goed mogelijk te laten verlopen. Alle beleidsinitiatieven binnen SBE zijn een coproductie geweest tussen wetenschappers en ondersteunende medewerkers, waarbij getracht is om beleid uit te rollen dat de organisatie op dat moment nodig had. Verbinding door samenwerking. Vanzelfsprekend is het ook noodzakelijk om ontwikkelingen te volgen, zodat we waar nodig op tijd vernieuwend en ondernemend bezig zijn.

Een mooi voorbeeld van een dergelijke samenwerking, waar we als faculteit trots op zijn, is het onlangs herziene beleid ten aanzien van de bevordering van wetenschappelijke medewerkers. SBE heeft een aantal jaren geleden onderzoekscriteria voor wetenschappelijk personeel uitgewerkt, maar onderwijscriteria zijn destijds niet goed doordacht. Dat was in die tijd minder nodig, omdat de ambitie van de School vooral gericht was op de versterking van het onderzoek. Daar is nu verandering in gekomen. De Commissie Camfferman (onder leiding van hoogleraar Financial Accounting Kees Camfferman) heeft de onderwijscriteria herschreven. Het beleid is gericht op de carrièrelijn van ud’s, uhd’s en hoogleraren. UFO-criteria blijven leidend en de beschreven criteria zijn aanvullend op UFO-functieprofielen. Bij de evaluatie van het onderwijs spelen een onderwijsdirecteur en een collega ook een belangrijke rol. Nieuw in het beleid is de mogelijkheid om een carrièrestap te maken indien iemand zich sneller ontwikkelt op één van de terreinen, maar uitgangspunt blijft ‘tweebenigheid’. Ik ben niet alleen trots op het geformuleerde beleid, maar ook op de samenwerking tussen wetenschappers en ondersteunende medewerkers.