De boekenkast van Rein Nobel

Nobel, ReinDeze keer een blik in de boekenkast van Rein Nobel. Rein is al sinds augustus 1986 aan de Faculteit verbonden. Rein werkt als universitair docent bij de afdeling Econometrie en Operationele Research. Mede ingegeven door zijn functie als studieadviseur bij deze afdeling verzet Rein zich al geruime tijd en op de van hem bekende typische wijze tegen de, in zijn ogen, welhaast onstuitbare neergang in de kwaliteit van het onderwijs in de afgelopen halve eeuw als gevolg van de toenemende invloed van respectievelijk pedagogen, psychologen en onderwijskundigen (in zijn woorden de infantilisering of pedagogisering van het onderwijs) en economen, bedrijfskundigen, bestuurskundigen en organisatiedeskundigen (de economisering van het onderwijs) in het bestuur van scholen en universiteiten. Hij vat deze ontwikkelingen samen als het 'mondig verklaren van de onmondigen' [de pedagoog, en daarmee het kind, dicteert de norm] en het 'onmondig verklaren van de mondigen' [de expertise van de docent is ondergeschikt verklaard aan de pedagogische norm]. Door deze ontwikkelingen zijn de universiteiten gereduceerd tot fabrieken waar diploma’s worden geproduceerd tegen zo laag mogelijke kosten en waar slagingspercentages tot keurmerk zijn verheven. Rein doet de hele ontwikkeling sterk denken aan de film Modern Times van Chaplin, waar de directeur [bestuurder/pedagoog] aan de knoppen draait waardoor de werknemers [docenten] langzaam dolgedraaid raken: hun is het ambacht ontnomen en daarmee hun eigenwaarde.

Daar waar Rein zelf nog tijdens zijn studie wiskunde puzzelde op abstracte wiskunde, zoals mathematische logica en verzamelingenleer, bleek de wiskunde in het middelbare onderwijs al zwaar geleden te hebben aan infantilisering toen hij na zijn studie in 1975 als docent begon bij het Spinoza lyceum in Amsterdam. De invoering van de Mammoetwet in 1968 waarbij de grondgedachte was dat elke leerling zowel een algemene als een beroepsopleiding zou moeten volgen, had geleid tot een hernieuwing van het wiskundeonderwijs. Het onderwijs was gericht op de latere beroepspraktijk: het accent verschoof van 'zuiver academisch' naar 'nuttige kennis'. De nieuwe reeks wiskundeboeken 'Moderne Wiskunde' was niet alleen nuttig/economisch, maar de reeks was ook sterk ideologisch getint: de opleiding moest aansluiten bij de belevingswereld van het kind en de sociale mobiliteit versterken. Het deductieve aspect van de wiskunde was uit het onderwijs verdwenen. Pas in het laatste deel van de serie werd geleerd wiskundige stellingen af te leiden, omdat dit een instroomvereiste was bij veel universitaire opleidingen. Het eindexamen Wiskunde I was daarom toen nog van een behoorlijk niveau. Rein verzucht dat hij in die tijd zelf nog het boek 'Planimetrie voor middelbaar en hoger onderwijs' van Paul Molenbroek en Pieter Wijdenes bij De Slegte had aangeschaft: de ruim 600 pagina’s vlaktemeetkunde was dan wel niet allemaal even nuttige kennis, maar het was wel een boek dat de lezer het deductieve karakter van de wiskunde liet zien.

'Nooit meer slapen' van W.F. Hermans en 'Het Bureau' van J.J. Voskuil zijn voor Rein echte meesterwerken. Beide werken gaan over het onzekere pad dat een jonge wetenschapper bewandelt. Het Bureau is een autobiografische zevendelige roman (ruim 5.000 pagina’s) waarin minutieus het leven van Maarten Koning en de dagelijkse gang van zaken op het Meertens Instituut uit de doeken wordt gedaan voor de periode 1957-1987. Verder kon Rein genieten van de columns in de NRC van de recent overleden journalist J.L Heldring. 'Heldring was geweldig in het analytisch koel uiteenrafelen van de onzin van anderen', aldus Rein die ook zijn taalrubrieken op waarde wist te schatten. De credits voor het boek 'Poisson, de Pruisen en de Lotto', dat hij samen met zijn nestor Henk Tijms en de wiskundedocent Frank Heierman schreef over kansrekening, legt hij volledig bij Henk Tijms. Zelf ziet hij de door hem geschreven syllabus vol aanvullingen kansrekening en tentamenopgaven, die dit jaar de 700 pagina’s heeft doorbroken als zijn Magnum Opus. En wie weet zal hij ooit nog eens de rust en tijd vinden om zijn gedachten over de veranderingen in het onderwijssysteem in de laatste halve eeuw in een ongetwijfeld dik boekwerk na te laten.

Rein Nobel is universitair docent bij de afdeling Econometrie en Operationele Research, FEWEB, De Boelelaan 1105, 1081 HV Amsterdam, r.nobel@vu.nl